We leven in een wereld van elektronisch bankieren, industriële robots, technologisch gewaarborgde gezondheid en een scala aan high-tech producten. Computers en mobiele technologieën vormen de centrale componenten in de informatiemaatschappij die bezig is bijkans alle aspecten van het leven te beïnvloeden. Sommigen zien dat als een welkome ontwikkeling, anderen zijn daarentegen erg bezorgd. In de huidige informatiecultuur is het geheel van overtuigingen en voorstellingen waarmee mensen de werkelijkheid om hen heen duiden sterk aan verandering onderhevig. In deze cultuur is het beschikken over en uitwisselen van informatie cruciaal voor het dagelijks handelen in het publieke en privédomein. Drie globale visies op informatietechnologie kunnen in relatie tot de zogeheten informatiecultuur onderscheiden worden: een optimistische, een pessimistische en een contextualistische.
Optimistische visie – informatietechnologie als bevrijding
De optimistische visie wordt aangetroffen in de populaire geschriften van futurologen en computerspecialisten zoals John Naisbitt (Megatrends), Alvin Toffler (The Third Wave) en Pamela McCorduck (The Universal Machine). Zij zijn van mening dat, zoals ooit de agrarische samenleving totaal getransformeerd werd door de industriële revolutie, de industriële samenleving op haar beurt tot op de bodem getransformeerd zal worden door de informaticarevolutie. Groei van de productiviteit, materiële overvloed, uitbanning van eentonig werk en meer tijd voor het creatieve gebruik van vrije tijd zijn de positieve gevolgen.
Pessimistische visie – informatietechnologie als bedreiging
De pessimisten treft men vooral aan onder sociale wetenschappers en filosofen Ian Reinecke (Electronic Illusions) en Joseph Weizenbaum (Computer Power and Human Reason) die erop wijzen dat de informatietechnologie de bestaande machtsverhoudingen zal aanscherpen: de kloof tussen informatie-rijk en informatie-arm zal toenemen. Automatisering en informatisering leveren enige hooggeschoolde banen op, echter voor de meesten betekent het werkloosheid of laaggeschoolde arbeid. Elektronische surveillance en databases vormen een bedreiging voor de privacy. In hun visie beheersen enkele ICT multinationals de computermarkt en daarmee de toegang tot internationale communicatienetwerken.
Contextualistische visie – informatietechnologie als machtsinstrument
In tegenstelling tot de optimisten en pessimisten benadrukken de contextualisten juist de aanwezigheid van alternatieven en keuzemogelijkheden. Zij leggen nadruk op de interactie tussen technologie en maatschappij. Informatisering kan gebruikt worden om werknemers hun vakbekwaamheid nog meer te ontnemen, echter kan ze ook gepaard gaan met her- en bijscholingsprogramma’s, jobrotatie en arbeidsparticipatie. Hard- en software kunnen leiden tot grotere centralisatie, maar evengoed tot decentralisatie van de organisatie; de keuze is aan het management.
Welke visie we op informatietechnologie ook hebben, feit is dat informatisering en de projecties ervan op maatschappij en cultuur gepaard gaan met een versnelling van veranderingsprocessen. Personen, instellingen en cultuur zijn aan versnelde verandering onderhevig. Technologie is onderdeel geworden van onszelf: wie we zijn, hoe we onszelf definiëren, hoe we relaties onderhouden en op welke wijze we invulling geven aan ons bestaan. Deze sociale constructies zijn niet meer los te denken van de technologie om ons heen. Men moet zich op individueel, organisatorisch en collectief niveau steeds meer aanpassen aan de door de informatietechniek opgeroepen en mogelijk gemaakte veranderingen. Deze veranderingen treffen we heel direct aan in de persoonlijke en professionele levenssfeer. De levenscyclus van nieuwe huishoudelijke producten wordt steeds korter en impliceert daarmee op korte dan wel middellange termijn vervanging, vernieuwing en daarmee verandering. Openbare voorzieningen, organisaties en overige instituten veranderen omwille van interne en externe omgevingsfactoren. De primaire bedrijfsprocessen, de informatiesystemen alsmede organisatiestructuren en -culturen van vandaag komen ter discussie te staan als gevolg van de situatie en het gevraagde van morgen.
Informatisering en het denken, doen en laten van de mens moeten elkaar in staat stellen tot verandering te komen langs de lijnen van zelfbehoud en zelforganisatie. Daar is een goede reden voor. Uiteindelijk is ieder mens en iedere organisatie oneindig veel meer dan de optelsom van de gegevens die hem of haar beschrijven. Het is aan ons dat pad verder te effenen.
































































